TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Atelierwoning, Oude Kerkweg 12

Laren, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Werk-woonhuis
Function
Atelierwoning
Category
onroerend gebouwd
Built
1906
Address
Oude Kerkweg 12, 1251 NZ Laren (and others)
Place
Laren
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.25306, 5.23068
Part of complex
511245
Monument number
511246

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

4 historical maps cover this location, the earliest the 1894 map "Het Koninkrijk der Nederlanden / bew. door I. Dornseiffen ; get. door E. de Geest" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Voormalige dubbele ATELIERWONING, onderdeel uitmakend van het complex van dubbele atelierwoning en schuur aan de Oude Kerkwegte Laren, gebouwd in 1906 naar ontwerp van architect Th. Rueter in opdracht van de dames C.A. van Willigen en C. van Pesch. Het ontwerp kenmerkt zich door een heroriëntatie bouwwijzen en kent invloeden van de Gooise boerderijenstijl, de Engelse landhuis- Cottage-stijl en de Landhuisstijl van K.P.C. de Bazel. Het dubbelpand is gelegen aan de zuidwestzijde van de Oude Kerkweg, ongeveer 15 meter teruggelegen van de weg. Oorspronkelijk eindigde de bestrating van de Oude Kerkweg ter hoogte van dit pand. Daarachter begon de heide met zandwegen. Het perceel was oorspronkelijk groter en kende aan de achterzijde een boomgaard, waarvan nog enkele bomen aanwezig zijn. Enkele panden op de Beijemansweg zijn gebouwd op een deel van deze voormalige boomgaard. Het venster links van het ateliervenster van het pand Oude Kerkweg 10 is het originele venster, dat van huisnr. 12 is niet origineel. De inpandige loggia's op de zuid- en noordhoek van het dubbelpand zijn naderhand dichtgezet.

Omschrijving

Dubbel woning, gebouwd op U-vormige plattegrond, bestaande uit een bouwlaag onder een samengestelde rieten kap afgewerkt met zwarte nokvorsten. In de kap bevindt zich een tweede woonlaag. De noklijn van het middeldeel loopt evenwijdig aan de Oude Kerkweg, de noklijn van de vleugels staat daar haaks op. Op twee nokhoeken staat een vierkante bakstenen schoorsteen met metalen, klokvormige kap. Het pand is opgetrokken uit rode baksteen in halfsteens verband, boven een plint van paarsbruine baksteen in halfsteens verband en afgewerkt met een terugliggende lintvoeg en geknipte stootvoeg. De plint is afgezet met een afzaat. Tenzij anders vermeld, bevatten de vensterassen een rechthoekig houten venster met verlengde onder- en bovendorpel en een meerruits-roedenverdeling. Verschillende vensters zijn voorzien van paneelluiken. De gevel wordt vlak onder de dakaanzet afgesloten door een muizetand, een rollaag en een brede houten bakgoot op houten, geprofileerde klossen.

De voorgevel (NO) is symmetrisch wat betreft hoofdvorm en bevat een afgewolfde topgevel in het midden met aan weerszijden een naar voren springend bouwdeel onder schildeind. Het terugliggende middendeel van de voorgevel bevat de entrees van de woningen, bestaande uit een links en rechts geplaatste tweedelige opgeklampte deur in een kozijn met geprofileerde bovendorpel en voorzien van een groot boven- en zijlicht met meerruits-roedenverdeling. Onder de zijlichten bevindt zich een hardstenen brievenbus. Op de bovendorpels is "anno 1906" geschilderd, de bovenste delen van de voordeuren bevatten een kijkvenstertje met koperen raamwerk. Tussen de twee voordeuren bevinden zich twee kleine zesruits-vensters. Het middendeel wordt afgesloten door een grote topgevel die ter breedte van de dakgoot uitkraagt en die wordt ondersteund door twee houten stijlen op bakstenen basementen. Tussen de basementen is een houten hekwerk geplaatst, bestaande uit vier geprofileerde stijlen waartussen drie kleine vierkante hekken diagonaalgeplaatste latten zijn aangebracht. De topgevel is bekleed met verticale rabatdelen en bevat in het midden een klein tweelichtsvenster met kruisroeden geflankeerd door een negenruits-venster. De zijgevels aan weerszijden van het middendeel bevatten elk een schuifvenster met achtruits-bovenlicht en twaalfruits-verdeling in het schuivende deel. De rechthoekige vooruitspringende bouwdelen bevatten elk in de rechterhelft een groot negenruits-ateliervenster dat de dakgoot doorbreekt en waarvoor het dakschild ter plaatse iets is opgehuifd. Links van de ateliervensters bevindt zich een kleiner venster, in oorsprong een schuifvenster met achtruits-bovenlicht en twaalfruits-verdeling in het schuivende deel.

De rechterzijgevel (NW, huisnr. 10) heeft een breedte van drie vensterassen. Geheel links bevindt zich een venster met stolpramen, in het midden een tweedelige deur (met negenruits-verdeling in het bovenste deel) en een zesruits-zijlicht. Rechts, onder de wit-geschilderde balk, bevond zich in oorsprong een inpandige loggia (die thans is dichtgemetseld en een groot venster met bovenlichten bevat). Het dakschild is in het midden opgetild voor een dakkapel met glooiende killen, die twee draairamen met roedenverdeling en verticale rabatdelen bevat.

De linkerzijgevel (ZO, huisnr. 12) was in oorsprong identiek, maar gespiegeld, aan de rechterzijgevel. Ook in de linkerzijgevel is de inpandige loggia dichtgezet (en bevat thans een houten pui met deuren en vensters). De symmetrische achtergevel (ZW) had geheel links (huisnr. 10) en rechts (huisnr. 12) in oorsprong een opening ten behoeve van de loggia's (die thans zijn dichtgezet en een venster bevatten). Daarnaast- iets meer naar het midden- bevindt zich in beide woningen de zitkamer, herkenbaar aan een driezijdige erker op trapeziumvormig grondplan met openslaande tuindeuren op de lange zijde, zijvensters in de schuine zijden en voorzien van bovenlichten met meerruits-roedenverdelingen. De gootlijst volgt de contouren van de erkers. In het midden van de achtergevel bevindt zich een geveldeel dat boven de gootlijst een topgevel onder afgewolfde steekkap bevat. Deze topgevel is bekleed met verticale rabatdelen en heeft twee negenruits-vensters. Dit geveldeel bevatte op de begane grond in oorsprong de twee keukenpuien, waarvan thans alleen de linker (huisnr. 10) nog oorspronkelijk is. Deze pui bevat een kozijn met tweedelige keukendeur waarvan de bovendeur een negenruits-verdeling heeft, twee zesruits-bovenlichten en een negenruits-zijlicht. Tussen de topgevel en de loggia's bevindt zich in beide woningen de gevel van de woonkamer, herkenbaar aan de driezijdige erkers. Het achterdakschild is boven de erkers opgetild ten behoeve van een dakkapel met glooiende killen, zwart gesmoorde dorpelvorsten en vensters met meerruits-draairamen en verticale rabatdelen. Tussen deze dakkapellen en de afgewolfde topgevel is het dakschild opgetild voor twee zeer kleine dakkapellen in dezelfde trant.

Het interieur van beide woningen is nog gedeeltelijk intact qua situering van de ruimtes van de hal, trappenhuis, zitkamer/atelier en keuken en qua detailleringen zijn de oorspronkelijke balkenplafonds, de houten trapleuningen in de trappenhuizen en de lambrizeringen in de zitkamers nog aanwezig.

Balken en trapleuningen zijn vrij robuust en voorzien van eenvoudige profileringen.

Waardering

Het dubbelpand is van algemeen belang als onderdeel van het complex bestaande uit dubbele atelierwoning en schuur aan de Oude Kerkweg te Laren. Het dubbelpand is van algemeen belang uit cultuur- en architectuurhistorisch oogpunt als merendeels gaaf bewaard en vroeg voorbeeld van een dubbele atelierwoning in het Gooi, daterend uit het begin van de 20ste eeuw en opgetrokken in een bouwtrant die zich kenmerkt door een heroriëntatie op traditionele bouwwijzen. Daarnaast is het pand van belang als karakteristiek onderdeel uit het oeuvre van architect Th. Rueter.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Former double STUDIO DWELLING, forming part of the complex of double studio dwelling and barn on the Oude Kerkweg Laren, built in 1906 according to a design by architect Th. Rueter commissioned by the ladies C.A. van Willigen and C. van Pesch. The design is characterized by a reorientation of building methods and shows influences from the Goois farmhouse style, the English country house Cottage style and the Country House style of K.P.C. de Bazel. The double property is located on the southwestern side of the Oude Kerkweg, approximately 15 metres set back from the road. Originally the paving of the Oude Kerkweg ended at the level of this property. Beyond that began the heath with sandy lanes. The plot was originally larger and had an orchard at the rear, of which several trees still remain. Several properties on the Beijemansweg were built on part of this former orchard. The window to the left of the studio window of the property Oude Kerkweg 10 is the original window; that of house number 12 is not original. The internal loggias on the south and north corners of the double property were later sealed off.

Description

Double dwelling, built on a U-shaped floor plan, consisting of one storey under a composite thatched roof finished with black ridge tiles. A second living storey is contained within the roof. The ridge line of the central section runs parallel to the Oude Kerkweg, the ridge line of the wings is perpendicular to it. On two ridge corners stands a square brick chimney with a metal, bell-shaped cap. The property is constructed in red brick in half-bond, above a plinth of purplish-brown brick in half-bond and finished with a recessed mortar joint and cut perpend joint. The plinth is finished with a plinth slope. Unless otherwise stated, the window axes contain a rectangular wooden window with extended lower and upper lintel and multi-pane glazing bars. Various windows are provided with panel shutters. The facade is closed just below the roof junction by a brick course, a roll course and a wide wooden gutter on wooden, profiled corbels.

The front facade (NE) is symmetrical in terms of basic form and contains a curved-roof gable in the centre with projecting building sections on either side under half-hipped roof. The recessed central section of the front facade contains the house entrances, consisting of left and right-placed two-part nailed door in a frame with profiled lintel and provided with a large fanlight and side light with multi-pane glazing bars. Beneath the side lights is a stone letterbox. On the lintels is painted "anno 1906"; the upper parts of the front doors contain a small viewing window with copper frame. Between the two front doors are two small six-pane windows. The central section is closed by a large gable that projects to the width of the gutter and is supported by two wooden posts on brick bases. Between the bases is a wooden fence placed, consisting of four profiled posts between which three small square fence panels with diagonally-placed laths are attached. The gable is clad with vertical rabate boards and contains in the centre a small two-light window with cross glazing bars flanked by a nine-pane window. The side gables on either side of the central section each contain a sash window with eight-pane fanlight and twelve-pane division in the sliding part. The rectangular projecting building sections each contain in the right half a large nine-pane studio window that breaks through the gutter and for which the roof panel at that point is slightly pitched up. To the left of the studio windows is a smaller window, originally a sash window with eight-pane fanlight and twelve-pane division in the sliding part.

The right side facade (NW, house no. 10) has a width of three window bays. Far left is a window with timber-framed panes, in the centre a two-part door (with nine-pane division in the upper part) and a six-pane side light. To the right, beneath the white-painted beam, there was originally an internal loggia (which is now sealed off with masonry and contains a large window with fanlights). The roof panel is lifted in the centre for a roof dormer with sloping cheeks, which contains two casement windows with glazing bars and vertical rabate boards.

The left side facade (SE, house no. 12) was originally identical, but mirrored, to the right side facade. The internal loggia in the left side facade has also been sealed off (and now contains a wooden frame with doors and windows). The symmetrical rear facade (SW) originally had an opening on the far left (house no. 10) and right (house no. 12) for the loggias (which are now sealed off and contain a window). Next to this—slightly more towards the centre—in both dwellings is the sitting room, recognizable by a three-sided bay window on a trapezoidal floor plan with French doors on the long side, side windows in the sloping sides and provided with fanlights with multi-pane glazing bars. The gutter line follows the contours of the bays. In the centre of the rear facade is a facade section that above the gutter line contains a gable under a curved-roof vault. This gable is clad with vertical rabate boards and has two nine-pane windows. This facade section originally contained on the ground floor the two kitchen frames, of which only the left one (house no. 10) is now still original. This frame contains a frame with two-part kitchen door of which the upper door has a nine-pane division, two six-pane fanlights and a nine-pane side light. Between the gable and the loggias is in both dwellings the facade of the living room, recognizable by the three-sided bays. The rear roof panel is lifted above the bays for a roof dormer with sloping cheeks, blackened lintel moldings and windows with multi-pane casement windows and vertical rabate boards. Between these roof dormers and the curved-roof gable the roof panel is lifted for two very small roof dormers in the same style.

The interior of both dwellings is still partially intact regarding the layout of the spaces of the hall, stairwell, sitting room/studio and kitchen and in terms of detailing the original wooden ceiling beams, the wooden stair railings in the stairwells and the wainscoting in the sitting rooms are still present.

Beams and stair railings are fairly robust and provided with simple profiles.

Valuation

The double property is of general importance as part of the complex consisting of double studio dwelling and barn on the Oude Kerkweg in Laren. The double property is of general importance from a cultural-historical and architectural-historical perspective as a largely well-preserved early example of a double studio dwelling in the Gooi, dating from the beginning of the 20th century and constructed in a building style characterized by a reorientation towards traditional building methods. Furthermore, the property is important as a characteristic component of the oeuvre of architect Th. Rueter.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map