Rijksmonumentenregister · Netherlands
Pastorie(F), Zuiderhaven 77
Harlingen, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerkelijke dienstwoning
- Function
- Pastorie(F)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1881
- Address
- Zuiderhaven 77, 8861 CM Harlingen
- Place
- Harlingen
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.17253, 5.41837
- Monument number
- 507135
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1868 map "Topografische atlas van het Koninkrijk der Nederlanden" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De PASTORIE van de Katholieke Sint Michaëlskerk aan de Zuiderhaven is een blokvormig pand met rechthoekige plattegrond. De pastorie is, net als de kerk, in neogotische stijl gebouwd in het jaar 1881 naar het ontwerp van architect Alfred Tepe te Utrecht. Aannemers waren de broers N.H. en A. Peters. De nieuwe kerk met pastorie kwam in de plaats voor een oudere, die in 1768 was gebouwd. Tussen 1880 en 1881 hebben de gelovigen gebruik gemaakt van een houten noodkerk met pastorie, die in 1880 werd gebouwd. In 1927 is van het kerkelijke gebouw zowel het exterieur als het interieur gedeeltelijk verbouwd, zonder echter schadelijke consequenties voor het oorspronkelijke ontwerp. De verbouwing is uitgevoerd volgens het ontwerp van architect A. Witteveen te Leeuwarden. De verbouwing omvatte m.b.t. het exterieur: - een nieuwe voorgevel - voor de bestaande langs - waarbij het buitenaanzicht echter ongewijzigd bleef; - de bouw van een erker in de zuidwestelijke hoek. Met betrekking tot het interieur omvatte de verbouwing: - een tochtportaal; - twee tochtdeuren in de gang; - een gang vanaf het tochtportaal naar de kerk.
Door een bombardement tijdens de Tweede Wereld oorlog was de sacristie zodanig aangetast dat die afgebroken moest worden. Na de oorlog is er een nieuwe gebouwd, die vanaf de tuin is te betreden. Voor beide gebouwen staat een gietijzeren HEKWERK, gedecoreerd met lanspunten, rozetten en knoppen. Aan de achterkant ligt een langwerpige tuin die omringd wordt door een hoge muur van bruine bakstenen met ezelsrug. In de muur zijn twee houten deuren aangebracht. De inrichting van de tuin is niet oorspronkelijk.
De bescherming richt zich op de pastorie en het hekwerk.
Omschrijving
De pastorie heeft een rechthoekige plattegrond met een vijfhoekige uitbouw aan de westzijde. De fundering bestaat uit heipalen en gemetselde bogen. Aan de westzijde heeft de pastorie sinds 1927 via een doorgang een rechtstreekse verbinding met de kerk (apart monumentnummer 20786). Het pand is twee bouwlagen hoog. In de top onder het dak bevinden zich nog twee bouwlagen. Het zadeldak wordt door diagonaal gelegde leistenen bedekt (Rijndekking). Op de nok bevinden zich twee schoorstenen met vier rookgaten en dekplaat. De pastorie is in bruine bakstenen opgetrokken. Drie bakstenen tandlijsten benadrukken de overgang naar de verschillende bouwlagen: een zaagtandlijst scheidt het basement van de eerste bouwlaag; tussen de overige bouwlagen zijn bloklijsten aangebracht; een muizetandlijst verbindt de trommelvelden van de vensters op de verschillende verdiepingen. De voorgevel heeft op iedere trede van de trapgevel aan de voorzijde vierkante pironnen, 13 in totaal. Deze zijn voorzien van een tentvormig dakje met gietijzeren bekroning. De bovenste piron is groter dan de rest en loopt een stukje door naar beneden tot net boven de twee hoogste vensters. In de eerste en tweede bouwlaag zitten drie zesruitsvensters met in het bovenlicht glas-in-lood, bakstenen trommelvelden en halfronde bogen. Alle trommelvelden zijn van baksteen. In de top zijn in de derde bouwlaag, symmetrisch opgesteld, twee kleine tweeruitsvensters geplaatst met in het midden een zesruitsvenster met glas-in-lood in het bovenlicht. In de eerste bouwlaag in de top zitten twee kleine tweeruitsvensters. De zesruitsvensters zijn alle voorzien van halfronde bogen met gemetseld trommelveld, de tweeruitsvensters van een spitsboogje met gemetseld trommelveld. Tien gietijzeren muurankers (vier in de eerste en tweede bouwlaag en twee in de top) sieren de trapgevel. In de westelijke zijgevel is in 1927 een vijfhoekige erker geplaatst met een plat dak en een rij aaneengesloten H-vensters met glas-in-lood in het bovenlicht. De erker wordt afgesloten door een sierlijst, die bestaat uit de vanaf de voorgevel doorlopende tandlijst met daarboven een natuurstenen lijst. De tandlijst loopt verder door de hele zijgevel. Naast de erker is de ingangspartij. Deze omvat een brede houten voordeur met horizontale, ijzeren staven met een lansmotief in het midden; in het gebogen bovenlicht zit glas-in-lood. Naast de voordeur twee smalle vensters met glas-in-lood. In de tweede bouwlaag van de westelijke zijgevel, boven de cordonlijst, zijn drie zesruitsvensters geplaatst met glas-in-lood in het bovenlicht. Zes muurankers sieren de zijgevel. De oostelijke zijgevel kijkt uit op een vrij smalle steeg. Hier bevinden zich boven de zaagtandlijst in de eerste bouwlaag vier zesruitsvensters, waarvan de eerste met glas-in-lood en strek en de overige met halfrond trommelveld en boog. Het glas-in-lood is hier en daar vervangen. Hiernaast bevindt zich nog een vierruitsvenster. In de tweede bouwlaag bevinden zich, boven het venster met strek, twee tweelichtvensters met halfronde boogtrommels en glas-in-lood. Rechts ervan is een nieuw venster ingebracht. Rechts van dit venster zitten twee vierruitsvensters met glas-in-lood en halfronde trommelvelden met boog. In het zaalgedeelte bevindt zich een zij-ingang. Deze smalle deur is voorzien van golvend houten snijwerk; het bovenlicht bestaat uit een hoog vierruitsvenster met glas-in-lood. De achtergevel is ook een trapgevel, maar hier zonder pironnen. De achtergevel van het zaalgedeelte heeft twee zesruitsvensters met glas-in-lood en halfronde bakstenen trommelvelden met boog.
Het INTERIEUR is sinds 1927 (zie inleiding) niet structureel gewijzigd, maar heeft wat kleine aanpassingen ondergaan in de keuken, de bijkeuken en aan de verlaagde plafonds. In de entree en in de hal bevinden zich de gang met deur naar de kerk en het tochtportaal; in de gang het trapportaal en twee tochtdeuren. De oorspronkelijke houten trap naar de eerste verdieping is van Art Noveau-snijwerk voorzien. In de pastoorskamer is een ingebouwde houten kast aanwezig die tegelijk met de erker is gebouwd. Hier is de oorspronkelijke schoorsteenmantel van rood marmer nog aanwezig. In de huiskamer, nu studeerkamer, is een schouw van zwart marmer. De indeling van de verdieping is grotendeels nog origineel, de kamers zijn gemoderniseerd. De zolder is onaangetast gebleven en heeft een gordingenkap. In het midden de twee schoorsteenkanalen. Eén ervan is (van oorsprong) van een rookgat voorzien.
Waardering
De pastorie en het hekwerk aan de Zuiderhaven 77 te Harlingen, behorend bij de onder monumentnummer 20786 beschermde St. Michaëlskerk, is van cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang:
- als bijzondere uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling;
- voor de geschiedenis van de architectuur;
- vanwege de plaats die het ontwerp inneemt binnen het oeuvre van de architect;
- vanwege de hoogwaardige architectonische kwaliteit van het ontwerp;
- vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de ornamentiek;
- vanwege de architectonische gaafheid van het exterieur;
- vanwege de -in redelijke mate aanwezige- architectonische gaafheid van het interieur;
- vanwege de hoogwaardige architectonische kwaliteit van de samenstellende onderdelen;
- vanwege de situering, verbonden met de geschiedenis en de ontwikkeling van de stad;
- vanwege de situering (als markeringspunt voor de directe omgeving);
- voor het aanzien van de streek en de stad;
- in relatie tot de visuele gaafheid van de stedelijke omgeving.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The RECTORY of the Catholic Sint Michaëlskerk on the Zuiderhaven is a block-shaped building with a rectangular floor plan. The rectory was, like the church, built in Neo-Gothic style in the year 1881 according to the design of architect Alfred Tepe in Utrecht. The contractors were the brothers N.H. and A. Peters. The new church with rectory replaced an older one, which had been built in 1768. Between 1880 and 1881 the faithful made use of a temporary wooden church with rectory, which was built in 1880. In 1927 both the exterior and interior of the church building were partially rebuilt, without however having damaging consequences for the original design. The renovation was carried out according to the design of architect A. Witteveen in Leeuwarden. The renovation included with regard to the exterior: - a new front facade - in front of the existing one - whereby the external appearance nevertheless remained unchanged; - the construction of a bay window in the southwestern corner. With regard to the interior, the renovation included: - a draught lobby; - two draught doors in the corridor; - a corridor from the draught lobby to the church.
Due to bombing during the Second World War, the sacristy was so damaged that it had to be demolished. After the war a new one was built, which can be entered from the garden. In front of both buildings stands cast-iron RAILWORK, decorated with lancet points, rosettes and knobs. At the rear lies an elongated garden surrounded by a high wall of brown brickwork with coping. Two wooden doors have been inserted in the wall. The layout of the garden is not original.
The protection focuses on the rectory and the railwork.
Description
The rectory has a rectangular floor plan with a pentagonal extension on the west side. The foundation consists of piles and mortared arches. On the west side, the rectory has had a direct connection with the church via a passageway since 1927 (separate monument number 20786). The building is two storeys high. At the top below the roof there are still two storeys. The gabled roof is covered with diagonally laid slate (Rhine covering). On the ridge are two chimneys with four flue holes and a cover plate. The rectory is built of brown brickwork. Three brick tooth patterns emphasize the transition to the different storeys: a sawtooth band separates the basement from the first storey; between the other storeys block bands have been inserted; a mouse-tooth band connects the barrel vaults of the windows on the different floors. The front facade has on each step of the stepped gable at the front square pirons, 13 in total. These are provided with a tent-shaped roof with cast-iron crowning. The top piron is larger than the rest and extends a little way down to just above the two highest windows. In the first and second storeys are three six-light windows with stained glass in the fanlight, brick barrel vaults and semicircular arches. All barrel vaults are of brick. At the top, in the third storey, symmetrically arranged, two small two-light windows have been placed with a six-light window in the centre with stained glass in the fanlight. In the first storey at the top are two small two-light windows. The six-light windows are all provided with semicircular arches with mortared barrel vault, the two-light windows with a pointed arch with mortared barrel vault. Ten cast-iron wall anchors (four in the first and second storeys and two at the top) adorn the stepped gable. In the western side facade, a pentagonal bay window was placed in 1927 with a flat roof and a row of adjoining H-windows with stained glass in the fanlight. The bay is closed off by a decorative band, which consists of the tooth band continuing from the front facade with above it a natural stone band. The tooth band continues through the entire side facade. Next to the bay is the entrance section. This includes a wide wooden front door with horizontal iron bars with a lancet motif in the centre; in the curved fanlight is stained glass. Next to the front door two narrow windows with stained glass. In the second storey of the western side facade, above the string course, three six-light windows have been placed with stained glass in the fanlight. Six wall anchors adorn the side facade. The eastern side facade overlooks a fairly narrow alley. Here, above the sawtooth band in the first storey, are four six-light windows, the first with stained glass and transom and the others with semicircular barrel vault and arch. The stained glass has been replaced here and there. Next to this is another four-light window. In the second storey, above the transom window, are two two-light windows with semicircular barrel vault arches and stained glass. To the right is a new window. To the right of this window are two four-light windows with stained glass and semicircular barrel vaults with arch. In the hall section is a side entrance. This narrow door is provided with wavy carved wooden work; the fanlight consists of a tall four-light window with stained glass. The rear facade is also a stepped gable, but here without pirons. The rear facade of the hall section has two six-light windows with stained glass and semicircular brick barrel vaults with arch.
The INTERIOR has not been structurally altered since 1927 (see introduction), but has undergone some minor adaptations in the kitchen, the scullery and to the lowered ceilings. In the entrance and in the hall are the corridor with door to the church and the draught lobby; in the corridor the stair landing and two draught doors. The original wooden staircase to the first floor is provided with Art Nouveau carved work. In the rector's room is a built-in wooden cupboard which was built at the same time as the bay. Here the original fireplace mantel of red marble is still present. In the living room, now study, is a chimney breast of black marble. The layout of the floor is largely still original, the rooms have been modernized. The attic has remained untouched and has a collar-tie roof truss. In the middle the two chimney flues. One of them is (originally) provided with a flue hole.
Valuation
The rectory and the railwork at Zuiderhaven 77 in Harlingen, belonging to the St. Michaëlskerk protected under monument number 20786, is of cultural-historical and architectural-historical importance:
- as a special expression of a spiritual development;
- for the history of architecture;
- because of the place the design occupies within the architect's oeuvre;
- because of the high-quality architectural quality of the design;
- because of the special use of materials and ornaments;
- because of the architectural integrity of the exterior;
- because of the -reasonably well-preserved- architectural integrity of the interior;
- because of the high-quality architectural quality of the constituent components;
- because of the location, connected with the history and development of the city;
- because of the location (as a marker for the immediate surroundings);
- for the appearance of the region and the city;
- in relation to the visual integrity of the urban environment.
Nearby in the register
- Woonhuis, Zuiderhaven 79Woonhuisunder 1 mi
- Kerk, Zuiderhaven 75Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Woonhuis, Brouwersstraat 26Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Brouwersstraat 28Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.