Rijksmonumentenregister · Netherlands
Koetshuis (G), Dijk 50
Enkhuizen, Noord-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Opslag
- Function
- Koetshuis (G)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1750 - 1799
- Address
- Dijk 50, 1601 GJ Enkhuizen (and others)
- Place
- Enkhuizen
- Province
- Noord-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.70218, 5.29224
- Monument number
- 507070
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
5 historical maps cover this location, the earliest the 1742 map "Provinces Unies des Pays Bas." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Twee DIENSTWONINGEN, behorende bij het nabijgelegen Snouck van Loosenhuis. De in 1890 door C.B. Posthumus Meyjes in neo-renaissancistische trant opgetrokken dienstwoningen zijn gesitueerd aan de noordzijde van de Dijk en liggen teruggeweken ten opzichte van de aangrenzende gebouwen.
Het betreft een ingrijpende verbouwing van een 18de-eeuws koetshuis met stal.
Omschrijving
Twee dienstwoningen op een trapeziumvormige plattegrond. De tegen elkaar aangebouwde dienstwoningen hebben respectievelijk links en rechts aan de achterzijde (O) een éénlaags uitbouw met schilddak en rode Hollandse pan. De spiegelbeeldige dienstwoningen bestaan uit kelder met gemetseld gewelf, begane grond en kapverdieping en hebben een samengestelde kap met onder meer een evenwijdig aan de straat lopend zadeldak met op de beide uiteinden een loodrecht hierop staand zadeldak. De samengestelde kap is op het dakschild aan de straatzijde (W) na, dat bedekt is met rode en zwarte kruispannen in een getand patroon, bedekt met rode Hollandse pannen. De tuinzijde (O) van de samengestelde kap heeft, evenals de schilddaken van de uitbouwen, met zink bekleedde pironnen.
Het muurwerk is opgetrokken in rode baksteen. De decoratie bestaat onder meer uit natuurstenen lekdorpels, zandstenen aanzet- en sluitstenen in de ontlastingsbogen of natuurstenen lateien boven de vensters en deuren en zandstenen speklagen in het muurwerk van de voorgevel.
De op natuurstenen plint gebouwde symmetrische voorgevel (W) bestaat uit een middendeel met aan elke zijde een licht risalerende schoudergevel die voor het uiteinde van de voorgevel weer inspringt. De schoudergevels hebben elk één vensteras met houten venster met kruiskozijn en meerruitsroedenverdeling op de begane grond en schuifvenster met vierruitsroedenverdeling op de kapverdieping. De schoudergevels zijn voorzien van zandstenen daklijsten en schouderstukken en met baksteen en zandsteen gedecoreerde geveltoppen. Het middendeel heeft vier vensterassen. De buitenste twee assen bevatten een natuurstenen stoep en een paneeldeur met een uit twee kleine getoogde vensters bestaand bovenlicht. De binnenste twee assen bevatten een horizontaal kelderraam en een klein getoogd éénruitsvenster. Het middendeel wordt afgesloten door een fries met metselmozaïek in rode baksteen en een zandstenen gootlijst op klossen. Het dakschild boven de gootlijst bevat twee kleine houten dakkapellen. De houten dakkapellen hebben beide een éénruitsvenster met een klavervormig bovenlicht en een overhangende zinken kap met ijzeren makelaar.
De uit drie geveldelen opgebouwde vrijwel symmetrische achtergevel (O) heeft een licht risalerend middendeel en aan weerszijden een uitbouw op de begane grond. Het middendeel heeft twee vensterassen. Beide assen bevatten op de begane grond een houten venster met kruiskozijn en meerruitsroedenverdeling. Op de verdieping heeft de linker as een éénruitsvenster met een getoogd vierruits bovenlicht, de rechter as bevat nog het getoogde vierruits bovenlicht.
Zowel de rechterzijde (N) van de linker uitbouw, als de linkerzijde (Z) van de rechter uitbouw bevat een houten deur met een glaspaneel met vierruitsroedenverdeling. De linker uitbouw heeft aan de tuinzijde (O) een vierruitsvenster met tweeruits bovenlicht.
Waardering
De dienstwoningen zijn van algemeen belang uit architectuur- en cultuurhistorisch oogpunt als gaaf bewaard gebleven voorbeeld van personeelswoningen uit 1890 en als voorbeeld van de architectuur van C.B. Posthumus Meyjes en vanwege de relatie met het in 1892, eveneens door Posthumus Meyjes, uitgebreide Snouck van Loosenhuis.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
Two SERVICE DWELLINGS, belonging to the nearby Snouck van Loosenhuis. The service dwellings, constructed in 1890 by C.B. Posthumus Meyjes in neo-Renaissance style, are situated on the north side of the Dijk and are set back in relation to the adjoining buildings.
This concerns a major conversion of an 18th-century coach house with stable.
Description
Two service dwellings on a trapezium-shaped plan. The service dwellings built against each other have respectively left and right on the rear side (E) a single-storey extension with hipped roof and red Dutch tile. The mirror-image service dwellings consist of cellar with mortared vault, ground floor and attic storey and have a complex roof truss structure with among other things a saddle roof running parallel to the street with on both ends a saddle roof standing perpendicular to it. The complex roof truss structure is, on the roof slope on the street side (W) except, which is covered with red and black cross tiles in a crenellated pattern, covered with red Dutch tiles. The garden side (E) of the complex roof truss structure has, as well as the hipped roofs of the extensions, zinc-covered pirn ends.
The brickwork is constructed in red brick. The decoration consists among other things of natural stone drip moulds, sandstone setting and closing stones in the relieving arches or natural stone lintels above windows and doors and sandstone speckled courses in the brickwork of the front facade.
The symmetrical front facade (W), built on a natural stone plinth, consists of a central section with on each side a slightly projecting shoulder gable that retreats again before the end of the facade. The shoulder gables each have one window axis with wooden window with cross window and multi-pane glazing bars on the ground floor and sash window with four-pane glazing bars on the attic storey. The shoulder gables are furnished with sandstone roof edges and shoulder pieces and with brick and sandstone decorated gable tops. The central section has four window axes. The two outer axes contain a natural stone stoop and a panel door with a fanlight consisting of two small arched windows. The two inner axes contain a horizontal cellar window and a small arched single-pane window. The central section is closed off by a frieze with brick pattern mosaic in red brick and a sandstone gutter edge on corbels. The roof slope above the gutter edge contains two small wooden roof dormers. The wooden roof dormers each have a single-pane window with a clover-shaped fanlight and an overhanging zinc roof covering with iron brace.
The rear facade (E), constructed of three facade sections, is virtually symmetrical and has a slightly projecting central section and on either side an extension on the ground floor. The central section has two window axes. Both axes contain on the ground floor a wooden window with cross window and multi-pane glazing bars. On the first floor the left axis has a single-pane window with an arched four-pane fanlight, the right axis still contains the arched four-pane fanlight.
Both the right side (N) of the left extension, and the left side (S) of the right extension contains a wooden door with a glass panel with four-pane glazing bars. The left extension has on the garden side (E) a four-pane window with two-pane fanlight.
Appraisal
The service dwellings are of general significance from an architectural and cultural-historical perspective as a well-preserved example of staff dwellings from 1890 and as an example of the architecture of C.B. Posthumus Meyjes and because of the relationship with the Snouck van Loosenhuis, which was expanded in 1892, also by Posthumus Meyjes.
Nearby in the register
- Opslag, Dijk 56Opslagunder 1 mi
- Woonhuis, H J Schimmelstraat 12Woonhuisunder 1 mi
- Opslag, Dijk 60Opslagunder 1 mi
- Woonhuis, Dijk 38Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.