TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Brecklenkamp

Lattrop-Breklenkamp, Overijssel, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Category
onroerend gebouwd
Address
Jonkershoesweg 10, 7635 LM Lattrop-Breklenkamp (Dinkelland 23)
Place
Lattrop-Breklenkamp
Municipality
Dinkelland
Province
Overijssel
Country
Netherlands
Coordinates
52.44164, 6.96808
Part of complex
508028
Monument number
506217

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

4 historical maps cover this location, the earliest the 1637 map "The Lordship of Trans-Isselandia. Ditio Transisulana" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

HOOFDGEBOUW (Huis Brecklenkamp) PLAATS, WACHTTOREN EN TOEGANGSBRUG.

Het huis wordt gevormd door een in rode baksteen opgetrokken hoofdgebouw op rechthoekige grondslag, bestaande uit een rechte hoofdvleugel met een korte haaks naar voren springende vleugel aan weerszijden. Huis Brecklenkamp werd in de periode 1941-1946 door de architecten Feenstra en Broekhuizen (Hengelo) gerestaureerd. De toenmalige eigenaar A. van Heek heeft een grote invloed gehad op de keu ze voor een aantal historiserende toevoegingen. In de jaren 1991-1994 werd het huis door J. Kreek (Diepenveen) wederom gerestaureerd. Het bouw- en architectuurhistorisch onderzoek van de eigenaar, M.A.M. Wanrooy, lag aan de basis van deze restauratie.

Het huis is overkapt door een met rode pannen gedekt schilddak met overstek, waarvan de schilden bij de restauratie in 1941-1946 een naar onderen toe iets uitzwenkend verloop hebben gekregen. Het is omgaande voorzien van een zandstenen voet en staat op een r echthoekige met keien en zandstenen plavuizen bestrate omgrachte plaats, waarvan de keermuren uit grote blokken zandsteen zijn opgetrokken. De hoofdvleugel wordt door zandstenen kordonlijsten geleed, die zich in het verlengde van de vensterdorpels bevinden en die aan de achtergevel en oostelijke helften van de zijvleugels omgaan. De kordonlijst ter hoogte van de onderdorpels van de verdieping-vensters vertoont een naar voren springend profiel. De voorgevel-vensters en de beide ingangsdeuren aan weerszijde n hiervan hebben alle vlakke zandstenen kanten (zeventiende-eeuws), waarboven gelijkvloers de oorspronkelijke halfronde ontlastingsbogen en op de verdieping de eveneens oorspronkelijke strekken nog aanwezig zijn. Bij de restauratie in 1941-1946 werd het huis omgaande van zandstenen kruisvensters voorzien, die volgens enkele foto's uit de eerste helft van de twintigste eeuw (coll. RDMZ), slechts aan de achterzijde op de verdieping (nog) aanwezig waren.

Het huis werd in de periode 1631-1637 gebouwd door het echtpaar Bentinck-Van der Marck; vier muurankers in de linker zijgevel formeren het jaartal 1637. Uit deze periode dateert in ieder geval de aan de noordzijde gelegen opkamer met balkenplafond, met uit dezelfde tijd daterende geschilderde grotesken. Ook de monumentale Bentheimer zandstenen schouw aan de noordzijde van de zaal in de hoofdvleugel beganegronds dateert uit deze tijd. De zandstenen lijst op de schouwboezem, waarop de wapens Bentinck-Van der Marck zijn gehouwen, is wellicht van het (verdwenen) poortgebouw afkomstig.

In 1654 werd het huis ingrijpend verbouwd. Toen is de huidige hoofdvleugel in zuidelijke richting verlengd en werden twee ten aanzien van de hoofdvleugel haaks omgaande tot de gracht verlopende zijvleugels met trappenhuis (noordvleugel) en wachttoren (op ZW-hoek van de plaats) gerealiseerd. Een tekening uit 1733 (afgebeeld in G.J. Ter Kuile, Geschiedkundige Aanteekeningen op de Havezathen van Twenthe, Alemlo 1911, p. 71), laat een geheel gesloten rechthoekig gebouwd complex zien.

De eerste belangrijke wijzigingen van het huis vonden plaats, nadat in 1804 de familie Zegers het huis met park en landgoed verwierf.

In 1820 liet Johan Hendrik Zegers het in zeer vervallen staat verkerende complex van noordvleugel en poortgebouw en verbinding daartussen slopen, terwijl de zuidvleugel zijn huidige vorm kreeg. In 1844 werd de nieuwe noordvleugel gebouwd en ontstond het huidige complex.

De voorgevel bestaat uit een in vijf traveeën gelede gevelpartij met beganegronds drie zandstenen kruiskozijnen, (waarboven halfronde ontlastingsbogen) met glas-in-loodvensters in de bovenramen en 9-ruitsvensters in de onderramen. De bovenramen van het centraal gelegen venster kennen nog de gebrandschilderde wapenafbeelding van Bentinck en Van der Marck. Oorspronkelijk waren alle bovenramen van de vensters van de grote zaal van gebrandschilderde wapenafbeeldingen voorzien (Ter Kuile, o.c., p.74). Aan weerszijden van deze vensters een door zandstenen lijstwerk omgeven deur met rechthoekig 8-ruits bovenlicht met spaakroeden. De deurpartijen worden bekroond door een zandstenen wapen: links Bentinck en van der Marck (eerste helft 17de eeuw met omlijsting uit de tweede helft van de zeventiende eeuw) en rechts Von Elberfeldt tot Langen (eind 18de eeuw). In het kalf van de linker deur het jaartal 1633. Op de verdieping vijf zandstenen kruiskozijnen onder getoogde strek, met ruitsindeling als beganegronds.

De voorgevel toont links en rechts van het midden een bouwnaad, die vermoedelijk aan respectievelijk het trappenhuis en de verbouwing uit 1654 herinneren.

Centraal in de korte voor(west-)zijde van de vleugels bevindt een halfronde dubbele poortdeur met op de binnenstijl van de zandstenen deurkozijnen een halfronde schampsteen. De deurkozijnen worden beëindigd door een zandstenen sluitsteen met leeuwenkop, bekroond door het wapen (Hendrick)Bentinck-(Sophia) van Moerbecke (links) en (Gerard Adolf) Bentinck-(Lucretia) van Caumont (rechts). Aan weerszijden van de poortdeur een zandstenen oeuil de boeuf.

Bij restauratie in 1941-1946 werd in de rechter gevel van de rechter vleugel, die tot dan toe uit een bakstenen vensterloze muur bestond, op de verdieping de huidige 4 op een regelmatige afstand van elkaar geplaatste zandstenen kruiskozijnen aangebracht. Beganegronds werd aan deze zijde op de linker travee eveneens een zandstenen kruiskozijn geplaatst. Aan de rechter zijde werden toen de twee huidige halve kruiskozijnen aangebracht. In de linker gevel van de in 1844 gebouwde linker vleugel werden in 1941-1946 beganegronds en op de verdieping de vier halve kruiskozijnen geplaatst. Het zeventiende-eeuwse gedeelte van deze gevel kende vanouds al 4 vensters; zij werden in 1941-1946 door de huidige kruiskozijnen vervangen. In deze periode werd aan de kap aan de achterzijde van het huis de drie thans nog aanwezige dakkapellen toegevoegd. Ook werd toen (weer) het open klokkentorentje met onder rode pannen gedekt tentdak aangebracht. Wellicht bevond zich op deze plaats al sinds 1787 een klokkentoren; in de luidklok is dit jaartal gegraveerd. Op een vrij slechte foto uit omstreeks 1900 zijn de lagere delen van de contouren van een klokkentorentje zichtbaar. Op latere foto's (1919) is de kap volledig kaal (fotos in plakboek Mr. G.J. Ter Kuile).

De achtergevel laat ter hoogte van de grens van de zijvleugels en hoofdvleugel een arkel zien. Er tussen bevinden zich 5 venstertraveeën met zandstenen kruikozijnen met respectievelijk beganegronds en op de verdieping hun oorspronkelijke halfronde ontlastingsbogen en getoogde strekken. Bijna aansluitend aan de rechter arkel beganegronds en op de verdieping bevindt zich eveneens een kruiskozijn.

Omstreeks 1654 werd op de ZO-hoek van de plaats de huidige kleine wachttoren gebouwd, die in de periode 1941-1946 en in 1991-1994 eveneens werd gerestaureerd. De wachttoren heeft een vierkante grondslag en wordt overkapt door een met rode pannen gedekt tentdak, waarvan de schilden bij de restauratie in 1941-1946 een naar onderen iets uitzwenkend verloop hebben gekregen. De toren is voor de helft in de gracht uitgebouwd en rust op e en onderstuk van grote blokken Bentheimer zandsteen, die in de keermuren van de plaats overgaan. De toren vertoont zandstenen hoekblokken en omgaande zandstenen cordonlijsten ter hoogte van de onder- en bovendorpels van de kozijnen. Rechts van de aan de NO-zijde gelegen via een bordes toegankelijke entree een half kruiskozijn. De overige zijden vertonen eveneens een half kruiskozijn. Onder het bordes een deur naar de onderverdieping. In de boven de gracht gesitueerde gevelgedeelten van de onderverdieping zijn de oorspronkelijke zandstenen schietgaten bewaard gebleven. De ZO-gevel vertoont een enkel schietgat, de overige drie gevels vertonen twee schietgaten. In 1941-1946 werd de entree(NO-)zijde van de huidige bordestrap met smeedijzeren leuningen voorzien.

Toen werd ook de centraal aan de voorzijde van de plaats en op de as van de aanleg gesitueerde brug gerestaureerd en van de huidige smeedijzeren leuningen voorzien. De bruggehoofden, waar het plankier op rust, zijn opgetrokken in blokken Bentheimer zandsteen, wijken naar de uiteinden iets uit en steken relatief ver de gracht in. Aan de plaatszijde markeren twee rechthoekige pijlers op zandstenen onderstukken en naar elkaar geplaatste schampstenen de overgang van plaats naar brug. De pijlers worden door een bolvormig ornamentstuk bekroond. Wellicht herinneren de onderstukken van de pijlers en de schampstenen aan het oorspronkelijke hier gesitueerde poortgebouw.

Het centraal op de nok van het hoofdgebouw gesitueerde open klokkentorentje met door rode pannen gedekt tentdak dateert vermoedelijk in oorsprong uit 1787: in de luidklok is dit jaartal gegraveerd.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

MAIN BUILDING (Huis Brecklenkamp) FORECOURT, WATCH TOWER AND ACCESS BRIDGE.

The house is formed by a main building constructed in red brick on a rectangular ground plan, consisting of a straight main wing with a short wing projecting at right angles to the front on either side. Huis Brecklenkamp was restored in the period 1941-1946 by the architects Feenstra and Broekhuizen (Hengelo). The then owner A. van Heek had considerable influence on the choice of a number of historicising additions. In the years 1991-1994 the house was restored again by J. Kreek (Diepenveen). The architectural and construction history research of the owner, M.A.M. Wanrooy, formed the basis of this restoration.

The house is covered by a hipped roof tiled with red tiles with overhang, the hips of which during the 1941-1946 restoration acquired a slightly spreading slope towards the bottom. It is surrounded by a sandstone plinth and stands on a rectangular forecourt paved with cobblestones and sandstone flags and enclosed by a moat, the retaining walls of which are constructed of large blocks of sandstone. The main wing is articulated by sandstone string courses, which are in the extension of the window sills and which run around the rear facade and eastern halves of the side wings. The string course at the level of the sills of the first-floor windows exhibits a forward-projecting profile. The facade windows and both entrance doors on either side thereof all have flat sandstone reveals (seventeenth-century), above which ground floor level the original semicircular relieving arches and on the first floor the likewise original segmental arches are still present. During the 1941-1946 restoration the house was provided throughout with sandstone cross windows, which according to several photographs from the first half of the twentieth century (coll. RDMZ), were only present on the rear side of the first floor.

The house was built in the period 1631-1637 by the married couple Bentinck-Van der Marck; four ornamental wall anchors in the left side wall form the date 1637. Dating from this period is in any case the upper chamber located on the north side with a beam ceiling, with painted grotesques from the same period. Also the monumental Bentheim sandstone chimney on the north side of the hall in the ground floor of the main wing dates from this time. The sandstone moulding on the chimney breast, on which the Bentinck-Van der Marck arms are carved, may well originate from the (vanished) gatehouse.

In 1654 the house underwent major alterations. The present main wing was then extended in a southerly direction and two side wings running at right angles to the main wing to the moat were realised with a staircase (north wing) and watch tower (on the SW corner of the forecourt). A drawing from 1733 (illustrated in G.J. Ter Kuile, Geschiedkundige Aanteekeningen op de Havezathen van Twenthe, Alemlo 1911, p. 71), shows a completely enclosed rectangular building complex.

The first significant alterations to the house took place after the Zegers family acquired the house with park and estate in 1804.

In 1820 Johan Hendrik Zegers had the complex of north wing and gatehouse in a very dilapidated state and the connection between them demolished, while the south wing acquired its present form. In 1844 the new north wing was built and the present complex came into being.

The front facade consists of a gable section divided into five bays with at ground floor level three sandstone cross windows, (above which semicircular relieving arches) with leaded glass windows in the upper lights and 9-pane windows in the lower lights. The upper lights of the centrally located window still bear the stained glass coat of arms of Bentinck and Van der Marck. Originally all upper lights of the windows of the great hall were provided with stained glass coats of arms (Ter Kuile, op. cit., p.74). On either side of these windows a door surrounded by sandstone mouldings with rectangular 8-pane fanlight with spaakroeden. The door sections are crowned by a sandstone coat of arms: on the left Bentinck and Van der Marck (first half 17th century with frame from the second half of the seventeenth century) and on the right Von Elberfeldt zu Langen (late 18th century). In the panel of the left door the date 1633. On the first floor five sandstone cross windows beneath segmental arches, with glazing bars as ground floor level.

The front facade shows on the left and right of the centre a construction joint, which presumably recalls respectively the staircase and the alteration from 1654.

Centrally in the short front (west) side of the wings is a semicircular double gate door with on the inner jamb of the sandstone door frame a semicircular chamfered stone. The door frames are terminated by a sandstone key stone with lion's head, crowned by the coat of arms (Hendrick)Bentinck-(Sophia) van Moerbecke (left) and (Gerard Adolf) Bentinck-(Lucretia) van Caumont (right). On either side of the gate door a sandstone oculus.

During restoration in 1941-1946 four sandstone cross windows at regular intervals apart were inserted on the first floor in the right gable of the right wing, which until then consisted of a brick wall without windows. At ground floor level a sandstone cross window was also placed on this side on the left bay. On the right side two half cross windows were then inserted. In the left gable of the left wing built in 1844 four half cross windows were placed during 1941-1946 both at ground floor and on the first floor. The seventeenth-century part of this gable had always had 4 windows; they were replaced by the present cross windows in 1941-1946. In this period three roof dormers, still present today, were added to the roof at the rear of the house. At this time the open bell tower with roof covered with red tiles was also (re)constructed. Perhaps a bell tower had been located at this spot since 1787; this date is engraved in the bell. On a fairly poor photograph from around 1900 the lower parts of the outlines of a bell tower are visible. On later photographs (1919) the roof is completely bare (photographs in scrapbook Mr. G.J. Ter Kuile).

The rear facade shows an arch at the height of the boundary between the side wings and main wing. Between them are 5 window bays with sandstone cross windows with respectively ground floor and first floor their original semicircular relieving arches and segmental arches. Barely adjoining the right arch at ground floor and first floor is likewise a cross window.

Around 1654 the present small watch tower was built on the SE corner of the forecourt, which was also restored during the period 1941-1946 and in 1991-1994. The watch tower has a square ground plan and is covered by a roof tiled with red tiles, the hips of which during the 1941-1946 restoration acquired a slightly spreading slope towards the bottom. The tower is half built out into the moat and rests on a base of large blocks of Bentheim sandstone, which blend into the retaining walls of the forecourt. The tower exhibits sandstone corner blocks and sandstone string courses running around at the height of the sills and heads of the windows. To the right of the entrance accessible via a steps on the NE side a half cross window. The remaining sides likewise show a half cross window. Below the steps a door to the lower floor. In the gable sections of the lower floor situated above the moat the original sandstone gun ports have been preserved. The SE gable exhibits a single gun port, the remaining three gables show two gun ports. In 1941-1946 the entrance (NE) side of the present steps with wrought-iron railings was provided.

At this time the bridge situated centrally at the front of the forecourt and on the axis of the layout was also restored and provided with the present wrought-iron railings. The bridge abutments, on which the decking rests, are constructed of blocks of Bentheim sandstone, taper slightly at the ends and project relatively far into the moat. On the forecourt side two rectangular piers on sandstone bases and chamfered stones placed towards each other mark the transition from forecourt to bridge. The piers are crowned by a spherical ornamental piece. Perhaps the bases of the piers and the chamfered stones recall the original gatehouse situated here.

The open bell tower situated centrally on the ridge of the main building with roof covered with red tiles presumably dates originally from 1787: this date is engraved in the bell.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map