TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Historische aanleg, Vosbergerweg bij 38

Heerde, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Tuin, park en plantsoen
Function
Historische aanleg
Category
onroerend gebouwd
Address
Vosbergerweg bij 38, 8181 JJ Heerde
Place
Heerde
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.39466, 6.05475
Part of complex
46757
Monument number
46760

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1636 map "Ditio Trans Isulana." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

TERREINAANLEG. Het beschermde terrein is het centrale gedeelte van het adellijke goed Vosbergen, welk gedeelte zich van de omringende terreinen onderscheidt door een welbewuste aanleg, die als uiting van landschaps-architectuur kan worden aangemerkt wegens de regelmatige en monumentale compositie in de directe omgeving van het hoofdgebouw, de compositie van enkele zelfstandige onderdelen aan de rand van het terrein en de samenhang van het geheel die in laanbeplantingen tot uitdrukking wordt gebracht.

De oudste kern van genoemde aanleg is het rechthoekige, omgrachte "binnenterrein", dat het voorplein, het eveneens omgrachte, in zijn huidige vorm in 1623 voltooide edelmanshuis en de voormalige moestuin en boomgaard omvat. Dit binnenterrein wordt omgeven door een uit landerijen en hakhoutpercelen bestaand "buitenterrein", dat wordt doorsneden door de Vosbergerweg en de Kasteelweg en dat vermoedelijk nog tijdens de 17e eeuw is voorzien van een composite die, door de aanleg van een stelsel van elkaar althans in de directe omgeving van het hoofdgebouw onder een rechte hoek kruisende lanen, een in de geest van de barok van het hoofdgebouw uitgaande ordening vertoont. Deze aanleg kon overigens eerst kort na 1840 worden voltooid, omdat Vosbergen tevoren niet vrijelijk over het daartoe benodigde terrein kon beschikken. Omstreeks 1810 heeft het binnenterrein enige wijzigingen in de geest van de landschapsstijl ondergaan en op het terrein tussen de Kasteelweg en de Vosbergerweg, genaamd de Haare, dat voor utilitair gebruik van wisselende aard bestemd was, werd in de tweede helft van de 19e eeuw een laan van slingerend beloop aangelegd.

Het terrein bevat de volgende elementen van historische aanleg, waarvan de opsomming van het hoofdgebouw uitgaat.

I. ---- De oorspronkelijke rechthoekige BINNENGRACHT, omstreeks 1810 door het weggraven van de noordelijke der onder VI. te noemen stroken land en het afronden van de contour gewijzigd in een vijver in landschapsstijl.

II. --- De een rechthoekig tracé volgende BUITENGRACHT.

III. -- Het binnenterrein is in aanleg omgeven door een HAAG op de binnenoever van de buitengracht. Deze haag is sinds de wijzigingen van omstreeks 1810 en later op verschillende plaatsen onderbroken. Zij is in aanleg samengesteld uit beuken (Fagus sylvatica).

IV. --- Het dwars-rechthoekige, door bruggen in de as van de onder VII.a. te noemen zichtlaan met deze laatste en met het terras voor het hoofdgebouw verbonden VOORPLEIN. Dit bevat behalve een gedeelte van de onder III. genoemde haag als element van historische aanleg (volgens de overlevering sinds het begin van de 18e eeuw) de beplanting in de noord-oostelijke hoek met een bruine beuk (Fagus sylvatica "Atropunicea"). Dit element vervult sinds de wijzigingen in de landschapsstijl van omstreeks 1810 de rol van pendant van het onder V. te vermelden, eveneens met een bruine beuk beplante heuveltje op de noordoostelijke hoek van de achtertuin.

V. ---- De ongeveer vierkante ACHTERTUIN (oorspronkelijk aangelegd als moestuin en boomgaard), bij de wijzigingen in landschapsstijl omstreeks 1810 voorzien van drie heuveltjes, resp. beplant met een bruine beuk (Fagus sylvatica "Atropunicea", pendant van de bruine beuk, vermeld onder IV.), een eik (Quercus robur) en een katalpa (Catalpa bignonioides).

VI. --- De alleen overgebleven zuidelijke van de oorspronkelijke TWEE STROKEN LAND die voor de omstreeks 1810 uitgevoerde vergraving van de binnengracht het voorplein en de achtertuin met elkaar verbonden.

VII. -- Het in de inleiding reeds genoemde LANENSTELSEL dat de diverse onderdelen van het terrein omsluit of doorkruist.

Deze lanen, wier beplanting voor zover zij uit zomereiken (Quercus robur) bestaat waarschijnlijk de oorspronkelijke keuze van boomsoort aangeeft, zijn als volgt te onderscheiden:a. Het formele hoofdstramien van rechte lanen, bestaande uit de vier bomensingels om de buitengracht, de lanen in hun verlengde en de zichtlaan in de as van het hoofdgebouw. Deze lanen zijn aangelegd met een beplanting van vier rijen bomen in driehoeksverband. De singel langs de noordzijde van de buitengracht is in afwijking van de andere niet aangelegd met een rij- of wandelpad in het midden, maar met de ter plaatse opgelegde Kamperbeek in het midden en twee paden ter zijde; bij de aanleg van het tot 1840 ontbrekende verlengde van deze singel over het erf van de toen gestichte tuinmanswoning (zie IX), is terwille van het effect in het verlengde van het rechte tracé van de Kamperbeek tussen de bomenrijen een bij de Vosbergerweg doodlopende zijarm van deze beek gegraven (N.B. Medio 1982 waren de buitenrijen bomen van de singel langs de Kamperbeek niet aanwezig en waren de rijen op de erven van Vosbergerweg 34 en 40 zeer incompleet).

b. De bij de oostelijke singel aansluitende lanen langs het Griftkanaal, aangelegd met een onbepaald aantal rijen bomen in driehoeksverband.

c. De bij de noordelijke en zuidelijke zijarmen van het onder a. genoemde hoofdstramien aansluitende, oorspronkelijk in driehoeksverband aangelegde lanen, die de onder VIII. vermelde terreinen aan de buitenzijde omsluiten.

d. Het gedeelte van de Vosbergerweg tussen het Hogepad en de noordelijke grens van het beschermde terrein, dat bij de inpassing in het lanenstelsel een recht tracé en een laanbeplanting heeft gekregen. In haar huidige vorm dateert deze beplanting van een ongeveer een eeuw geleden tot stand gekomen verbreding van de weg.

e. De bij de inpassing van de Kasteelweg in het lanenstelsel langs deze weg aangelegde laanbeplanting in driehoeksverband, strekkende van de Vosbergerweg tot de grens van het beschermde terrein.

f. De laanbeplanting langs een van de zichtlaan aftakkend pad dat parallel met de Kamperbeek over het erf van Vosbergerweg 34 naar het in het verlengde van dit pad lopende deel van de Vosbergerweg leidt. Deze beplanting bestaat in aanleg uit zomereiken (Quercus robur).

g. Een als pendant van de langs de beek staande bomenrij aangelegde rij bomen langs de westzijde van deze beek (N.B. Medio 1982 bestond deze rij uit beuken (Fagus sylvatica).

h. De bij de onder f. genoemde laanbeplanting aansluitende beplanting langs de oostzijde van het Hogepad, aangelegd als een rij zomereiken (Quercus robur).

VIII. - De AGRARISCHE TERREINEN die in wisselwerking met de onder VII. genoemde lanen het ruimtelijk effect bepalen van de in de inleiding gesignaleerde compositie in de omgeving van het hoofdgebouw (N.B. De op of langs deze terreinen liggende sloten hebben een functie in de waterhuishouding).

a. Het ten noorden van het binnenterrein liggende, rechthoekige open terrein, genaamd "de Snuivert", waarvan het centrum wordt geaccentueerd door de aldaar geplaatste duiventil.

b. Het ten zuiden van het binnenterrein gelegen open terrein, genaamd "het Dal", dat van het hoofdgebouw uit gezien als pendant van onder a. genoemde terrein fungeert. Bij de zuidelijke punt van het terrein ligt aan de rand van de laan langs het Griftkanaal een als uitzichtpunt opgeworpen heuveltje, dat in zijn aanleg is geaccentueerd door de beplanting met een Hollandse linde (Tilia x europea).

c. Het open terrein ten westen van onder b. genoemde terrein, wegens zijn bij de bovengenoemde terreinen aansluitende, nagenoeg rechthoekige vorm, en de dit terrein aan de zijde van het Hogepad begrenzende strook hakhout.

IX. --- Het zich tot 1840 ook over het latere erf van Vosbergerweg 40 uitstrekkende, van ouds met bos beplante DRIEHOEKIGE TERREIN ten westen van de Snuivert, naar een reeds in de 18e eeuw in dit bos aangebracht maar nu niet meer bestaand patroon van slingerpaden, het Slingerbos genaamd.

X. ---- De KAMPERBEEK, voor zover deze van belang is in de compositie van het terrein d.w.z. het gedeelte dat de rol van het middenpad overneemt in de noordelijke singel langs het binnenterrein, het gedeelte op het erf van Vosbergerweg 34 en de na 1840 over het erf van Vosbergerweg 40 gegraven zijarm.

XI. --- Het vanouds voor wisselend utilitair gebruik bestemde TERREIN tussen de Vosbergerweg en de Kasteelweg, genaamd "DE HAARE", waarop in de tweede helft van de 19e eeuw ter plaatse van een vroegere ring van hakhout een omlopende laan van slingerend tracé is aangelegd, voorzien van zijlaantjes naar de Vosbergerweg, waarvan het noordelijke, deze weg kruisend, doorloopt naar en uitmondt in het midden van de onder VII.c. genoemde laan langs de Snuivert. De ringlaan is wat haar oostelijke helft betreft aangelegd met twee in driehoeksverband geplante bomenrijen en wat de westelijke helft betreft met slechts een rij aan de binnenzijde; een rij slingert zich ook met het bijbehorend pad om een verhoginkje aan de noordelijke punt. Voor de beplanting van de ringlaan zijn beuken (Fagus sylvatica) gekozen.

XII. -- Een tussen de Kasteelweg en de zichtlaan gelegen DRIEHOEKIG TERREIN bevat een tot 1870 als waterreservoir voor de papierfabricage in de in dat jaar afgebroken watermolens aan de Kamperbeek en tevens als pleziertuin fungerende aanleg, voorzien van twee door een pad verbonden rechthoekige vijvers en een raster van smalle waterloopjes, in het noorden geflankeerd door een laan met een beplanting van dubbele rijen beuken (Fagus sylvatica) in driehoeksverband en in het zuiden door een laan met een beplanting van enkele rijen zomereiken (Quercus robur).

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

SITE LAYOUT. The protected site is the central part of the noble estate Vosbergen, which part distinguishes itself from the surrounding terrain by a deliberate layout, which can be regarded as an expression of landscape architecture due to the regular and monumental composition in the immediate vicinity of the main building, the composition of several independent components at the edge of the terrain and the coherence of the whole which is expressed in avenue plantings.

The oldest core of said layout is the rectangular, moated "inner terrain", which comprises the forecourt, the likewise moated, in its present form in 1623 completed nobleman's house and the former kitchen garden and orchard. This inner terrain is surrounded by an "outer terrain" consisting of fields and coppice plots, which is intersected by the Vosbergerweg and the Kasteelweg and which presumably still during the 17th century was provided with a composition which, through the laying out of a system of lanes intersecting each other at least in the immediate vicinity of the main building at a right angle, exhibits an ordering emanating from the baroque spirit of the main building. This layout could moreover only be completed shortly after 1840, because Vosbergen previously did not have free disposal of the terrain required for this. Around 1810 the inner terrain underwent some alterations in the spirit of the landscape style and on the terrain between the Kasteelweg and the Vosbergerweg, called de Haare, which was destined for utilitarian use of varying kinds, an avenue of winding course was laid out in the second half of the 19th century.

The terrain contains the following elements of historical layout, the enumeration of which proceeds from the main building.

I. ---- The original rectangular INNER MOAT, around 1810 altered by the excavation of the northern of the strips of land mentioned under VI. and the rounding of the contour into a pond in landscape style.

II. --- The OUTER MOAT following a rectangular line.

III. -- The inner terrain is in layout surrounded by a HEDGE on the inner bank of the outer moat. This hedge has since the alterations around 1810 and later been interrupted in various places. It is in layout composed of beeches (Fagus sylvatica).

IV. --- The transversely rectangular FORECOURT, connected by bridges in the axis of the sight avenue mentioned under VII.a. with the latter and with the terrace in front of the main building. This contains apart from a portion of the hedge mentioned under III. as an element of historical layout (according to tradition since the beginning of the 18th century) the planting in the north-eastern corner with a purple beech (Fagus sylvatica "Atropunicea"). Since the alterations in landscape style around 1810 this element has fulfilled the role of pendant of the likewise with a purple beech planted small hill on the north-eastern corner of the back garden mentioned under V.

V. ---- The approximately square BACK GARDEN (originally laid out as a kitchen garden and orchard), provided at the alterations in landscape style around 1810 with three small hills, respectively planted with a purple beech (Fagus sylvatica "Atropunicea", pendant of the purple beech mentioned under IV.), an oak (Quercus robur) and a catalpa (Catalpa bignonioides).

VI. --- The only remaining southern of the original TWO STRIPS OF LAND which before the excavation of the inner moat executed around 1810 connected the forecourt and the back garden with each other.

VII. -- The AVENUE SYSTEM mentioned already in the introduction which encloses or intersects the various components of the terrain.

These avenues, whose planting so far as it consists of pedunculate oaks (Quercus robur) probably indicates the original choice of tree species, are to be distinguished as follows: a. The formal main framework of straight avenues, consisting of the four tree-lined walks around the outer moat, the avenues in their extension and the sight avenue in the axis of the main building. These avenues are laid out with a planting of four rows of trees in triangular arrangement. The avenue along the north side of the outer moat is in deviation from the others not laid out with a walking or path in the middle, but with the Kamperbeek laid there in the middle and two paths at the sides; in the laying out of the extension of this avenue lacking until 1840 over the grounds of the then established gardener's dwelling (see IX), for the sake of effect in the extension of the straight line of the Kamperbeek between the tree rows a side branch of this stream running dead at the Vosbergerweg was excavated (N.B. In mid-1982 the outer rows of trees of the avenue along the Kamperbeek were not present and the rows on the grounds of Vosbergerweg 34 and 40 were very incomplete).

b. The avenues adjoining the eastern avenue along the Griftkanaal, laid out with an indeterminate number of rows of trees in triangular arrangement.

c. The avenues adjoining the northern and southern branches of the main framework mentioned under a., originally laid out in triangular arrangement, which enclose the terrains mentioned under VIII. at the outer side.

d. The section of the Vosbergerweg between the Hogepad and the northern boundary of the protected terrain, which in its incorporation into the avenue system received a straight line and avenue planting. In its present form this planting dates from a widening of the road carried out approximately a century ago.

e. The avenue planting laid out along the Kasteelweg in its incorporation into the avenue system in triangular arrangement, extending from the Vosbergerweg to the boundary of the protected terrain.

f. The avenue planting along a path branching off from the sight avenue that runs parallel with the Kamperbeek over the grounds of Vosbergerweg 34 to the part of the Vosbergerweg running in the extension of this path. This planting consists in layout of pedunculate oaks (Quercus robur).

g. A row of trees laid out as pendant of the row of trees standing along the stream on the west side of this stream (N.B. In mid-1982 this row consisted of beeches (Fagus sylvatica).

h. The planting adjoining the avenue planting mentioned under f. along the east side of the Hogepad, laid out as a row of pedunculate oaks (Quercus robur).

VIII. - The AGRICULTURAL TERRAINS which in interrelation with the avenues mentioned under VII. determine the spatial effect of the composition in the vicinity of the main building signalled in the introduction (N.B. The ditches lying on or along these terrains have a function in the water management).

a. The rectangular open terrain lying north of the inner terrain, called "de Snuivert", whose centre is accentuated by the dovecote placed there.

b. The open terrain lying south of the inner terrain, called "het Dal", which from the main building viewed acts as pendant of the terrain mentioned under a. At the southern point of the terrain lies at the edge of the avenue along the Griftkanaal a small hill thrown up as a vantage point, which is accentuated in its layout by planting with a Dutch lime (Tilia x europea).

c. The open terrain west of the terrain mentioned under b., due to its nearly rectangular form adjoining the above-mentioned terrains, and the strip of coppice bounding this terrain at the side of the Hogepad.

IX. --- The TRIANGULAR TERRAIN planted from old with woodland stretching until 1840 also over the later grounds of Vosbergerweg 40, west of the Snuivert, according to a pattern of winding paths brought into this woodland already in the 18th century but now no longer existing, called the Slingerbos.

X. ---- The KAMPERBEEK, so far as it is significant in the composition of the terrain, that is to say the section which takes on the role of the middle path in the northern avenue along the inner terrain, the section on the grounds of Vosbergerweg 34 and the side branch excavated after 1840 over the grounds of Vosbergerweg 40.

XI. --- The terrain destined from old for changing utilitarian use between the Vosbergerweg and the Kasteelweg, called "DE HAARE", on which in the second half of the 19th century in place of an earlier ring of coppice a circling avenue of winding line was laid out, provided with side avenues to the Vosbergerweg, of which the northern, crossing this road, continues to and opens into the middle of the avenue mentioned under VII.c. along the Snuivert. The ring avenue as regards its eastern half is laid out with two rows of trees planted in triangular arrangement and as regards its western half with only one row on the inside; a row also winds itself around a small hill at the northern point with the associated path. For the planting of the ring avenue beeches (Fagus sylvatica) were chosen.

XII. -- A TRIANGULAR TERRAIN lying between the Kasteelweg and the sight avenue contains a layout which until 1870 functioned as a water reservoir for papermaking in the water mills on the Kamperbeek demolished in that year and also as a pleasure garden, provided with two rectangular ponds connected by a path and a network of narrow watercourses, flanked in the north by an avenue with a planting of double rows of beeches (Fagus sylvatica) in triangular arrangement and in the south by an avenue with a planting of single rows of pedunculate oaks (Quercus robur).

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map