Rijksmonumentenregister · Netherlands
Huis Gebroek
Beek, Limburg, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kasteel, buitenplaats
- Function
- Kasteel
- Category
- onroerend gebouwd
- Address
- Kasteel Genbroekstraat 18, 6191 KT Beek (and others)
- Place
- Beek
- Province
- Limburg
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 50.93355, 5.78979
- Part of complex
- 455169
- Monument number
- 455381
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesNationaal Archief, the NetherlandsDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesIGN France — Géoportail
5 historical maps cover this location, the earliest the 1708 map "Le Limbourg." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
HOOFDGEBOUW (Huis Gebroek). Rood deels witgepleisterd en witgeschilderd bakstenen hoofdgebouw, bestaande uit een ensemble van vier rechthoekige aaneengesloten vleugels onder omgaande zadeldaken, die een rechthoekige binnenplaats omgeven. Volgens dominee J. Craandijk, die het huis in 1878 bezocht, had het huis toendertijd een gele kleur. Het twee verdiepingen hoge woongedeelte is in de oostvleugel gevestigd. Aan de noord en oostzijde zijn de daken met leien (maasdekking) gedekt; het zuidelijke schild van het noordelijke dak vertoont een dakbedekking van grijze pannen. De zuid- en westvleugel hebben een dakbedekking van grijze pannen. Het dak van de oostvleugel is ook aan de binnenplaatszijde van leien voorzien; de overige daken zijn aan de binnenplaatszijde met grijze pannen gedekt.
Alhoewel het huis Gebroek reeds in 1381 wordt genoemd als grootleen van Valkenburg, kwam het huidige ensemble in de 17e eeuw tot stand. Van de voorganger van het huidige huis Gebroek zijn aan de NW- zijde van de tot een grote vijverpartij in landschapsstijl vergraven voormalige molenvijver nog fundamenten in de grond bewaard gebleven. Het nieuwe huis werd waarschijnlijk in verband met de vochtige bodemgesteldheid bij deze toenmalige molenvijver een stukje hoger in westelijke richting opgetrokken. Ter plekke van het midden van de huidige westvleugel stond vanouds een economiegebouw (zo bleek bij de restauratie van deze vleugel in de jaren 1975-1978), die voor de bouw van deze vleugel in de 17e eeuw de grondslag vormde.
De noordvleugel, die ten westen van de huidige halfronde boogpoort naar de binnenplaats een pachterswoning en hoeve en ten oosten van de poort een ruime opkamer (thans keuken met 17e-eeuwse rechthoekige schouw) herbergde, werd omstreeks 1618 gebouwd. In het naar de oostvleugel gerichte gedeelte van de zuidmuur van de noordvleugel zijn tijdens de restauratie in de periode 1967, 1975-1978 resten van twee voormalige kruisvensters aangetroffen, hetgeen aangeeft, dat dit gedeelte eerst een buitenmuur is geweest. In 1656 kwam als sluitstuk van de bouwcampagne de zuidvleugel gereed, die als graanschuur dienst deed. Voordien was het hof aan de zuidzijde waarschijnlijk door een muur afgesloten. De bouwheer van dit ensemble van vier vleugels was ene Mutchenich, die tevens de Kelmonderhof (1616) te Kelmond en de St. Janshoeve (1619) te Geleen had laten bouwen.
Omstreeks 1825 werd Gebroek gekocht door de Belgische familie baron De Roosen. Deze verbouwde de oostvleugel ingrijpend tot geriefelijke woonvleugel; bij deze verbouwing werd de westmuur van de oostvleugel ca. 2 meter naar de binnenplaats getrokken, waardoor aan de westzijde van deze vleugel de ruimte voor de huidige lange hal ontstond, die de gehele lengte van de oostvleugel bestrijkt. Voorts werd inwendig toen ondermeer de huidige grote zaal gebouwd (hiervoor een schop), werden de haardpartijen vernieuwd (onder meer met een nog aanwezige 18e-eeuwse marmeren Luikse schouw en een 18e-eeuwse lindenhouten schouw) en werd de vleugel aan de oostzijde van ruime empire-vensters met persiennes voorzien. Voorts dateren de segmentboogvensters aan de oost- en binnenplaatszijde van deze vleugel en de ingang met aangekoppelde vensters aan de oostzijde uit deze tijd. De centraal op de nok van de oostvleugel geplaatste achtzijdige houten dakruiter met een windvaan (voorstellende een blazende triton) en kleine bronzen klok dateert in oorsprong waarschijnlijk nog uit de 17e eeuw; op de klok de tekst: SANCTE LEONARDI ORA PRO NOBIS 1658 en een gevierendeeld wapen - I en IV een klimmende leeuw, II en III een roos, waaronder RECTE COGN(I)TA.
In de jaren 1967 en 1975-1978, werd het huis ingrijpend gerestaureerd; toen werd onder meer de oostvleugel van een nieuwe fundering voorzien en werd de westvleugel tot de huidige twee woningen verbouwd.
Oostvleugel parkzijde: een in venstergroepen gelede gevelpartij met aan de linkerzijde beganegronds en op de verdieping respectievelijk drie 8- en drie 6-ruitsvensters, rechts hiervan de ingang, bestaande uit een 8-ruitsdeur met 2-ruits bovenlicht en met aangekoppelde 8-ruitsvensters en boven de ingang op de verdieping een 6-ruitsvenster. De ingang wordt voorafgegaan door een hardstenen bordes van twee treden. Rechts van genoemde vensters en ingang, die tesamen ongeveer de linkerhelft van de gevel in beslag nemen, zes venstertraveeën met beganegronds van links naar rechts drie 8-ruitsvensters, een 8-ruitsdeur met 2-ruits bovenlicht en twee 8-ruitsvensters en op de verdieping zes 6-ruitsvensters. Aan het rechter uiteinde van de gevel op de verdieping en beganegronds respectievelijk een 6- en een 8-ruitsvenster. Alle genoemde vensters en deuren aan deze gevelzijde zijn segmentboogvormig en zijn voorzien van hardstenen omlijstingen. Ter hoogte van de zolderverdieping aan deze zijde drie eenvoudige houten dakkapellen met klokvormig kuifstuk.
Oostgevel binnenplaatszijde: in een vier traveeen gelede gevelpartij uit ca. 1825, opgetrokken toen de oostvleugel ca. twee meter in richting van de de binnenplaats werd getrokken. Aan de linkerzijde de toegangsdeur met 40-ruitsvenster en rechts hiervan drie 24-ruitsvensters. Op de verdieping vier 16-ruitsvensters, waarvan het meest rechter in 'trompe l'oeil' is geschilderd. Genoemde vensters en deur zijn segmentboogvormig. Aan weerszijden van deze traveeen beganegronds en op de verdieping een radvenster met 4-ruitsindeling. Links van deze vier traveeen een lage deur met 4-ruitsvenster met erboven een venster met 4-ruitsindeling, beide segmentboog-vormig. Boven laatstgenoemd venster twee vensters met 4-ruitsindeling. In het gedeelte onder de overwelfde poort twee kleine 4-ruitsvensters. Ter hoogte van de zolderverdieping twee dakkapellen met zadeldak en 4-ruitsvenster.
Noordvleugel parkzijde: de gevel vertoont een onregelmatige indeling met iets links van het midden de met hardsteen-blokken omlijste segmentboogvormige poort met dubbele houten deur met erboven op de verdieping een 6-ruitsvenster. Aan weerszijden van dit venster zijn bouwsporen zichtbaar van een segmentboogvormig venster. Ter hoogte van de kap even links en rechts van laatstgenoemd venster een dakkapel met zadeldak en 4-ruitsvenster. Het gevelgedeelte links van de poort is in twee traveeen geleed met beganegronds en op de verdieping per travee een 6-ruitsvenster en ter hoogte van de zolder per travee een dakkapel met zadeldak met 4-ruitsvenster. Het linker venster beganegronds is recentelijk in de hier oorspronkelijk blinde gevel aangebracht. Rechts van de poort een venster met 6-ruitsindeling. Aan de rechterzijde van de gevel een deur met hardstenen stoep en links hiervan beganegronds en op de verdieping een 6-ruitsvenster. Ter hoogte van de zolderverdieping twee dakkapellen met luiken met rond ontluchtingsgat en met zadeldak. Genoemde vensters en deuren beganegronds en op de verdieping zijn segmentboogvormig. De gevel wordt afgesloten door een naar voren springende lijst met muizetand-motief. Aan weerszijden van de poort twee 17e-eeuwse klokvormige schampstenen.
Noordvleugel binnenplaatszijde: beganegronds twee 20-ruitsvensters met hardsteen-omlijstingen. De mergelomlijsting van het linker venster is tot de grond toe doorgetrokken; oorspronkelijk bevond zich hier een deur. Op de verdieping drie 16-ruitsvensters. Boven de poort eveneens een 16-ruitsvenster. Genoemde vensters zijn segmentboogvormig. Aan de rechter zijde van de gevel een 2-ruitsvenster, dat het restant vormt van het oorspronkelijke bij de verbreding van de oostvleugel in ca. 1825 gehalveerde 4-ruitsvenster.
Noordvleugel korte westzijde: beganegronds twee radvensters met 4- ruitsindeling. In de topgevel drie ronde ontluchtingsgaten, voorzien van een hardsteen-omlijsting. Halverwege wordt de westgevel van de noordvleugel door een geprofileerde cordonlijst onderbroken.
Westvleugel parkzijde: een tijdens de restauratie in de jaren 1972-1975 aangebrachte historiserende venster en deurgeleding, die voor de bescherming van ondergeschikte betekenis is.
Zuidvleugel korte westzijde: beganegronds zijn bouwsporen zichtbaar van drie segmentboogvormige omlijstingen van voormalige poortdeuren, die waarschijnlijk uit de tijd dateren, dat in de zuidvleugel het kruidenbitter 'Els' werd gestookt. Voorts beganegronds een ingangspartij en vensterindeling uit de tijd van de restauratie in de jaren 1972-1975, die voor de bescherming van ondergeschikte betekenis zijn. In de topgevel drie ronde ontluchtingsgaten. Erboven een duiventil bestaande uit 6 in de gevel uitgespaarde rechthoekige gaten. Bovenaan de topgevel een muuranker in de vorm van een . Halverwege wordt de gevel door een geprofileerde cordonlijst onderbroken.
Westgevel binnenplaatszijde: beganegronds twee deuren met hardsteen-omlijsting en op de verdieping, tussen de loodlijnen van genoemde deuren, twee 4-ruitsvensters en links en rechts hiervan een klein enkelruits venster. Genoemde deuren en vensters zijn segmentboogvormig.
Zuidvleugel parkzijde: op de verdieping aan de rechterzijde vier segmentboogvormige 6-ruitsvensters. De overige vensters en deuren van deze gevel zijn tijdens de restauratie in de jaren 1972-1975 aangebracht en zijn voor de bescherming van ondergeschikte betekenis.
Zuidvleugel binnenplaatszijde: aan de linker- en rechter zijde van de gevel een omlijsting met hardsteenblokken van een halfronde poort met rechts een dubbele houten poortdeur en links een recentelijk aangebrachte glazen wand. Boven de linker poortomlijsting een segmentboogvormig schuifvenster met 42- ruitsindeling, dat na de Tweede Wereldoorlog is aangebracht en voor de bescherming van ondergeschikte betekenis is. Hierboven op kaphoogte een 4-ruitsdakkapel met zadeldak. Op de sluitsteen van de rechter poortomlijsting het jaar 1656. Aan de rechter zijde van deze gevel een 4-ruits radvenster in 'trompe l'oeil'.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
MAIN BUILDING (Huis Gebroek). Red, partly whitewashed and whitepainted brick main building, consisting of an ensemble of four rectangular adjoining wings under surrounding gabled roofs, which enclose a rectangular courtyard. According to Reverend J. Craandijk, who visited the house in 1878, the house had a yellow colour at that time. The two-storey residential section is located in the east wing. On the north and east sides the roofs are covered with slate (Maas covering); the southern hipped end of the northern roof shows a covering of grey tiles. The south and west wings have a covering of grey tiles. The roof of the east wing is also covered with slate on the courtyard side; the remaining roofs are covered with grey tiles on the courtyard side.
Although Huis Gebroek is already mentioned in 1381 as a fief of Valkenburg, the present ensemble was created in the 17th century. Of the predecessor of the present Huis Gebroek, foundations remain in the ground on the NW side of the former mill pond, which has been excavated into a large pond in landscape style. The new house was probably built somewhat higher in a westerly direction in relation to the damp soil conditions at this then-existing mill pond. At the location of the middle of the present west wing, an outbuilding stood from old, which (as emerged during the restoration of this wing in 1975-1978) formed the foundation for the construction of this wing in the 17th century.
The north wing, which housed a tenant's dwelling and farm to the west of the present semicircular arched gateway to the courtyard and a spacious upper chamber to the east of the gate (now a kitchen with a 17th-century rectangular fireplace), was built around 1618. During restoration in the period 1967, 1975-1978, remains of two former cross windows were found in the section of the south wall of the north wing facing the east wing, which indicates that this section was first an external wall. In 1656, as the final piece of the building campaign, the south wing was completed, which served as a grain barn. Previously, the farmyard was probably enclosed on the south side by a wall. The builder of this ensemble of four wings was one Mutchenich, who also had the Kelmonderhof (1616) in Kelmond and the St. Janshoeve (1619) in Geleen built.
Around 1825, Gebroek was purchased by the Belgian family baron De Roosen. He substantially rebuilt the east wing as a comfortable residential wing; in this rebuilding the west wall of the east wing was moved approximately 2 metres towards the courtyard, creating space on the west side of this wing for the present long hall, which extends the entire length of the east wing. Furthermore, internally, among other things, the present large hall was built (previously a storage room), the fireplace sections were renewed (including with a still-present 18th-century marble Liège fireplace and an 18th-century lime-wood fireplace) and the wing was furnished on the east side with spacious empire windows with venetian blinds. Furthermore, the segmental-arched windows on the east and courtyard sides of this wing and the entrance with adjoining windows on the east side date from this period. The octagonal wooden roof-tower centrally placed on the ridge of the east wing with a weathervane (depicting a blowing triton) and small bronze bell probably dates in origin from the 17th century; on the bell the text: SANCTE LEONARDI ORA PRO NOBIS 1658 and a quartered coat of arms - I and IV a climbing lion, II and III a rose, below which RECTE COGN(I)TA.
In 1967 and 1975-1978, the house was substantially restored; then, among other things, the east wing was provided with new foundations and the west wing was converted into the present two dwellings.
East wing park side: a facade section articulated in window groups with on the left side on the ground floor and on the upper storey respectively three 8- and three 6-pane windows, to the right of this the entrance, consisting of an 8-pane door with 2-pane fanlight and with adjoining 8-pane windows and above the entrance on the upper storey a 6-pane window. The entrance is preceded by a stone steps of two treads. To the right of the aforementioned windows and entrance, which together occupy approximately the left half of the facade, six window bays with on the ground floor from left to right three 8-pane windows, an 8-pane door with 2-pane fanlight and two 8-pane windows and on the upper storey six 6-pane windows. At the right end of the facade on the upper storey and ground floor respectively a 6- and an 8-pane window. All aforementioned windows and doors on this facade side are segmental-arched and are provided with stone surrounds. At the height of the attic storey on this side three simple wooden roof dormers with bell-shaped hood.
East facade courtyard side: in a four-bay facade section from c. 1825, built up when the east wing was moved approximately two metres in the direction of the courtyard. On the left side the access door with 40-pane window and to the right of this three 24-pane windows. On the upper storey four 16-pane windows, of which the rightmost is painted in trompe l'oeil. The aforementioned windows and door are segmental-arched. On either side of these bays on the ground floor and on the upper storey a radial window with 4-pane arrangement. To the left of these four bays a low door with 4-pane window with above it a window with 4-pane arrangement, both segmental-arched. Above the last-mentioned window two windows with 4-pane arrangement. In the section under the vaulted gate two small 4-pane windows. At the height of the attic storey two roof dormers with gabled roofs and 4-pane windows.
North wing park side: the facade shows an irregular arrangement with slightly left of centre the segmental-arched gate framed with stone blocks with double wooden door and above it on the upper storey a 6-pane window. On either side of this window are visible traces of construction of a segmental-arched window. At the height of the roof slightly left and right of the last-mentioned window a roof dormer with gabled roof and 4-pane window. The facade section left of the gate is articulated in two bays with on the ground floor and on the upper storey per bay a 6-pane window and at the height of the attic per bay a roof dormer with gabled roof with 4-pane window. The left window on the ground floor has recently been inserted in the originally blind facade here. To the right of the gate a window with 6-pane arrangement. On the right side of the facade a door with stone step and to the left of this on the ground floor and on the upper storey a 6-pane window. At the height of the attic storey two roof dormers with shutters with round ventilation opening and with gabled roof. The aforementioned windows and doors on the ground floor and on the upper storey are segmental-arched. The facade is closed off by a projecting moulding with saw-tooth motif. On either side of the gate two 17th-century bell-shaped corner stones.
North wing courtyard side: on the ground floor two 20-pane windows with stone surrounds. The marl surround of the left window is carried through to the ground; originally a door was located here. On the upper storey three 16-pane windows. Above the gate likewise a 16-pane window. The aforementioned windows are segmental-arched. On the right side of the facade a 2-pane window, which is the remainder of the original 4-pane window halved during the widening of the east wing c. 1825.
North wing short west side: on the ground floor two radial windows with 4-pane arrangement. In the gable three round ventilation openings, provided with a stone surround. Halfway along, the west facade of the north wing is interrupted by a moulded cordon moulding.
West wing park side: a historicizing window and door arrangement applied during restoration in 1972-1975, which is of secondary significance for the protection.
South wing short west side: on the ground floor traces of construction are visible of three segmental-arched surrounds of former gate doors, which probably date from the time when the herbal bitter 'Els' was distilled in the south wing. Furthermore on the ground floor an entrance section and window arrangement from the time of the restoration in 1972-1975, which are of secondary significance for the protection. In the gable three round ventilation openings. Above this a dovecote consisting of 6 rectangular openings cut out in the facade. At the top of the gable a wall anchor in the form of a . Halfway along the facade is interrupted by a moulded cordon moulding.
West facade courtyard side: on the ground floor two doors with stone surround and on the upper storey, between the plumb lines of the aforementioned doors, two 4-pane windows and to the left and right of these a small single-pane window. The aforementioned doors and windows are segmental-arched.
South wing park side: on the upper storey on the right side four segmental-arched 6-pane windows. The remaining windows and doors of this facade were applied during restoration in 1972-1975 and are of secondary significance for the protection.
South wing courtyard side: on the left and right side of the facade a surround with stone blocks of a semicircular gate with on the right a double wooden gate door and on the left a recently applied glass partition. Above the left gate surround a segmental-arched sash window with 42-pane arrangement, which was applied after the Second World War and is of secondary significance for the protection. Above this at roof height a 4-pane roof dormer with gabled roof. On the keystone of the right gate surround the year 1656. On the right side of this facade a 4-pane radial window in trompe l'oeil.
Nearby in the register
- Volière(J), Kasteel Genbroekstraat bij 1Dierenverblijfunder 1 mi
- Buitenplaats GebroekBoerderijunder 1 mi
- Volière(J), Oostelijke Voliere Kasteel Genbroekstraat Geverik (Beek 31)Dierenverblijfunder 1 mi
- Hek, Kasteel Genbroekstraat bij 1Erfscheidingunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.