TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

De Nederlanden van 1845

's-Gravenhage, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Handel en kantoor
Function
Kantoorgebouw
Category
onroerend gebouwd
Built
1924 - 1927
Address
Groenhovenstraat 2, 2596 HT 's-Gravenhage (and others)
Place
's-Gravenhage
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.09386, 4.31019
Monument number
452731

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "30 's Gravenhage" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

Vrijstaand kantoorpand uit 1924-1927 in rationele vormgeving gebouwd voor de verzekeringsmaatschappij "De Nederlanden van 1845" naar een ontwerp van H.P. Berlage van 1921-1922 en uitgevoerd door A.D.N. van Gendt en W.N. van Vliet. Het oorspronkelijke symmetrische ontwerp werd in 1933 aan de achterzijde aanzienlijk uitgebreid naar ontwerp van de architect W. Duyff. In de Tweede Wereldoorlog is de vleugel aan de Raamweg door de Duitsers afgebroken en ca. 1948 weer opgebouwd. In 1952-1954 is het kantoor door de architect C.M. Kranenburg in dezelfde stijl met een verdieping verhoogd naar oorspronkelijke plannen van Berlage. De voor het ontwerp belangrijke groenas met waterpartij voor de hoofdgevel aan de Groenhovenstraat heeft na de oorlog plaats gemaakt voor verharde parkeerruimte.

Omschrijving.

Het vrijstaande kantoorgebouw op samengestelde plattegrond naar ontwerp van H.P. Berlage was oorspronkelijk symmetrisch van opbouw met rechte voor- en zijgevels en een sterk verspringende achtergevel. De voorgevel aan de Groenhovenstraat beslaat ongeveer 80 meter; de beide zijgevels aan de Raamweg en Burnierstraat oorspronkelijk ongeveer 40 meter maar deze zijn bij de uitbreiding van 1933 met ongeveer 40 meter verlengd. De van oorsprong sterk verspringende achterzijde had een symmetrische opzet met in het midden een forse uitbouw in het verlengde van de hoofdingang. Deze achterzijde is bij de uitbreiding van 1933 grotendeels binnenmuur geworden terwijl de nieuw gebouwde gevel in een vrijwel rechte rooilijn ongeveer 30 meter naar achteren is verplaatst. Het kantoorgebouw bestaat uit betonvakwerk; de kolommen, balken en vloeren uit gewapend beton, de vullingen uit baksteen.

Oorspronkelijk had het pand twee bouwlagen, het souterrain niet meegeteld. Thans telt het drie bouwlagen; de derde bouwlaag is in 1952-1954 in dezelfde stijl toegevoegd.

Aan de buitenkant worden de rechthoekige contouren van de gevels gescandeerd door het skelet van grofkorrelig beton. De hoekige erkers van de trappenhuizen zijn grotendeels bekleed met glazen bouwstenen. Verder is er overwegend rode baksteen gebruikt; overal waar het metselwerk aan het beton grenst, is gebruik gemaakt van zwarte baksteen. Het souterrain is met natuursteen bekleed. De onderbouw, die ten opzichte van de bovenverdiepingen iets naar achteren is geplaatst, bestaat merendeels uit ondiepe erkers, die door dubbele pilasters van elkaar zijn gescheiden; de stalen ramen tussen de pilasters zijn hier tweemaal zo breed als die op de verdiepingen. De verbinding tussen pilasters en eerste verdieping wordt gevormd door zware, trapsgewijs verlopende consoles met afgeschuinde zijkanten. De gevel van de uitkragende verdieping geeft een indruk van grotere continuïteit door de aaneengesloten reeksen ramen. Deze zijn talrijker dan op de begane grond doordat zij slechts door een pilaster van elkaar zijn gescheiden. Vanaf de pilsters lopen betonnen smalle, trapsgewijs verspringende consoles naar de horizontale lijst boven de stalen ramen, waaraan de zonneschermen bevestigd kunnen worden. De hoektraveeën zijn afgeschuind en hebben onder meer door de toepassing van siermetselwerk extra aandacht gekregen. Het beeld in de afgeschuinde travee op de hoek van de Raamweg en de Groenhovenstraat dateert van 1954 en is vervaardigd door M. Andriessen.

De gevels van de uitbreidingen uit 1935 en de wijzigingen in 1953 door de extra verdieping zijn op dezelfde wijze uitgevoerd als die van het oorspronkelijk gevelwerk maar missen door de uitwerking van details - zoals het ontbreken aan de achterzijde en een deel van de gevel aan de Burnierstraat van de betonnen verspringende consoles - hier en daar toch de kwaliteit van het oorspronkelijk ontwerp.

Het gebouw heeft de oorspronkelijke symmetrische indeling bewaard. Vanuit het ingangsportaal komt men in een hoge, door een glazen dak verlichte hal. Deze heeft een kruisvormige, in een vierkant passende plattegrond. Aan weerszijden van de hal bevinden zich grote werkruimten. Deze kantoortuinen zijn met glas overdekte binnenplaatsen, die worden verlicht door een glazen plafond waarboven eveneens glazen kappen zijn aangebracht. Aan de lange kant van deze kantoortuinen zijn aan de zijde van de Groenhovenstraat op de begane grond kamers aangebracht. Deze zijn weer door een lange gang, die evenwijdig loopt aan de voorgevel gescheiden van de kantoren aan de straatzijde. Door de forse uitbreidingen aan de achterzijde is dit oorspronkelijke concept ingekapseld in een groter geheel.

De kenmerkende trapsgewijze verbinding tussen verticale en horizontale elementen van de betonconstructie keert ook binnen het gebouw herhaaldelijk terug. Het merendeel van de oorspronkelijke interieurafwerking is na de oorlog vervangen. Enige trappenhuizen zijn nog in het bezit van de authentieke grijzen tegelafwerking met zwarte biezen. Het merendeel van de ijzeren trapbalusters met houten leuning in nog authentiek. De commissarissenkamer op de tweede verdieping is het travee van de hoofdingang heeft als enige ruimte nog het oorspronkelijke interieur met onder meer houten lambrisering, deuren en strak vormgegeven plafonnières. In de vestibule achter de hoofdingang is een groot tegeltableau waarop de herinnering levendig wordt gehouden aan de dag dat het kantoor in gebruik werd genomen, 1 maart 1927.

Het interieur betekende een revolutionaire ontwikkeling in de kantoorarchitectuur. In feite was dit het eerste voorbeeld van een "kantoortuin" in Nederland. Deze indeling laat duidelijk de invloed van Frank Lloyd Wright zien.

Waardestelling.

Het kantoorpand is cultuurhistorisch en typologisch van belang wegens zijn innovatieve waarde als een van de eerste "kantoortuinen " in Nederland. Het pand is architectuurhistorisch waardevol vanwege het bijzondere materiaalgebruik en als uiting van vooruitstrevende architectuur met nadruk op de constructieve functie. Tevens van belang binnen de ontwikkeling van het oeuvre van H.P. Berlage. Een toegevoegde waarde is de belangrijke stedenbouwkundige situering aan de Raamweg en Groenhovenstraat.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

Detached office building constructed 1924-1927 in rational design built for the insurance company "De Nederlanden van 1845" after a design by H.P. Berlage from 1921-1922 and executed by A.D.N. van Gendt and W.N. van Vliet. The original symmetrical design was considerably extended to the rear in 1933 after a design by the architect W. Duyff. During the Second World War the wing on the Raamweg was demolished by the Germans and rebuilt around 1948. In 1952-1954 the office was heightened by architect C.M. Kranenburg by one storey in the same style according to original plans by Berlage. The green area with water feature in front of the main facade on the Groenhovenstraat, which was important for the design, was replaced after the war by paved parking space.

Description.

The detached office building on a composite floor plan designed by H.P. Berlage was originally symmetrical in composition with straight front and side facades and a strongly recessed rear facade. The front facade on the Groenhovenstraat spans approximately 80 metres; both side facades on the Raamweg and Burnierstraat were originally approximately 40 metres but were extended by approximately 40 metres with the 1933 extension. The originally strongly recessed rear side had a symmetrical layout with a substantial projecting structure in line with the main entrance in the centre. With the 1933 extension this rear side largely became an interior wall while the newly constructed facade was relocated in an approximately straight building line approximately 30 metres further back. The office building consists of concrete frame; the columns, beams and floors of reinforced concrete, the infill of brick.

Originally the building had two storeys, not counting the basement. It now has three storeys; the third storey was added in 1952-1954 in the same style.

On the outside the rectangular contours of the facades are articulated by the skeleton of coarse-grained concrete. The angular bays of the staircases are largely clad with glass bricks. Furthermore red brick is predominantly used; wherever the masonry borders the concrete, black brick has been used. The basement is clad with natural stone. The lower storey, which is positioned slightly further back in relation to the upper storeys, consists mostly of shallow bays separated from each other by double pilasters; the steel windows between the pilasters are here twice as wide as those on the upper storeys. The connection between pilasters and first storey is formed by heavy, stepped consoles with bevelled sides. The facade of the projecting storey gives an impression of greater continuity through the continuous rows of windows. These are more numerous than on the ground floor as they are separated from each other only by a pilaster. From the pilasters run narrow concrete, stepped recessed consoles to the horizontal moulding above the steel windows, to which the sun blinds can be attached. The corner bays are bevelled and have received extra attention, among other things through the application of ornamental brickwork. The sculpture in the bevelled bay on the corner of the Raamweg and the Groenhovenstraat dates from 1954 and was created by M. Andriessen.

The facades of the extensions from 1935 and the alterations in 1953 with the extra storey are executed in the same manner as the original facade work but lack, through the execution of details - such as the absence on the rear side and part of the facade on the Burnierstraat of the stepped concrete consoles - in places the quality of the original design.

The building has retained the original symmetrical layout. From the entrance portal one enters a tall hall lit by a glass roof. This has a cross-shaped floor plan fitting in a square. On either side of the hall are large work spaces. These office gardens are glass-covered courtyards, which are lit by a glass ceiling with glass canopies also placed above it. On the long side of these office gardens rooms are arranged on the side of the Groenhovenstraat on the ground floor. These are separated by a long corridor, which runs parallel to the front facade from the offices on the street side. Through the substantial extensions to the rear this original concept has been encased in a larger whole.

The characteristic stepped connection between vertical and horizontal elements of the concrete structure is repeatedly echoed within the building. Most of the original interior finish was replaced after the war. Some staircases still have the authentic grey tile finish with black edging. Most of the iron stair balustrades with wooden handrails are still authentic. The board room on the second storey in the bay of the main entrance is the only room still to have the original interior with, among other things, wooden panelling, doors and strictly designed light fittings. In the vestibule behind the main entrance is a large tile tableau which keeps alive the memory of the day the office was put into use, 1 March 1927.

The interior represented a revolutionary development in office architecture. In fact this was the first example of an "office garden" in the Netherlands. This layout clearly shows the influence of Frank Lloyd Wright.

Assessment.

The office building is of cultural-historical and typological importance because of its innovative value as one of the first "office gardens" in the Netherlands. The building is architecturally valuable because of the distinctive use of materials and as an expression of progressive architecture with emphasis on constructive function. Also of importance within the development of the oeuvre of H.P. Berlage. An added value is the important urban planning situation on the Raamweg and Groenhovenstraat.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map